Proefles: Makelaar-taxateur o.z.

"Ik vind het zeer prettig om bij het NTI te studeren. De studiestof is duidelijk omschreven en ik kan in mijn eigen tempo werken. Als ik een periode minder tijd heb, studeer ik wat minder en andersom. De praktijkdagen zijn een aanvulling op de leerstof, hier oefen je ook goed met de geleerde theorie. Zeker een aanrader!"

Leer het gedrag van jezelf en anderen begrijpen

Met deze proefles krijg je een indruk van de Beroepsopleiding Makelaar-taxateur o.z. van het NTI. Je krijgt inzicht in de lesstof. Je kan ook alvast vragen maken en deze zelf controleren. Mocht je vragen hebben, neem dan gerust contact met ons op. Heel veel succes en plezier met de proefles.


Start proefles

Als makelaar heb je kennis nodig van de vastgoedeconomie. Deze proefles gaat dan ook deels over dit onderwerp. Vastgoedeconomie is de discipline die zich bezighoudt met de economische en juridische werking van het vastgoed. Om dit onderdeel van de economie te kunnen begrijpen is het noodzakelijk om voldoende basiskennis van de economie te hebben. Het gaat hierbij voornamelijk om de algemene economie.

Ondernemingen in de vastgoedbranche hebben alle te maken met de economie. Zij worden namelijk voortdurend geconfronteerd met economische vraagstukken als:

  • Waar zal ik mijn bedrijf huisvesten?
  • Neem ik personeel in dienst, en zo ja, hoeveel?
  • In wat voor markt ga ik opereren?
  • Wie zijn mijn concurrenten?
  • Wat zijn de regels van de (lokale) overheid?
  • Enzovoort.

Voordat je dieper op deze materie in gaat, zullen we eerst een aantal basisbegrippen van de economie bespreken.

Behoeften en middelen: keuzes maken

Economie gaat over de behoeften (wensen) van mensen en de middelen die nodig zijn om deze behoeften te bevredigen. Het meest gebruikte middel om behoeften te bevredigen is geld . Bijna iedereen heeft te weinig geld om al zijn behoeften te kunnen bevredigen. Vandaar dat men keuzes moet maken: op vakantie gaan of sparen voor een nieuw interieur, uit eten gaan of toch liever nieuwe kleding kopen? De (continue) spanning die aanwezig is tussen behoeften enerzijds en beschikbare middelen anderzijds noemen we schaarste.

schaarste makelaars taxateur

Niet alleen consumenten kennen het begrip schaarste, ook het bedrijfsleven heeft hiermee te maken. Zo moeten bijvoorbeeld makelaars ook steeds keuzes maken, zoals: waar ga ik mijn bedrijf vestigen, ga ik wel of niet hypotheken verkopen, ga ik mij specialiseren in een bepaald segment of wil ik de gehele markt bedienen? Het feit dat de beschikbare schaarse middelen aan talloze verschillende zaken kunnen worden besteed, maakt dus dat we keuzes moeten maken. We noemen de beschikbare schaarse middelen dan ook wel alternatief aanwendbare middelen.

Welvaart is de mate waarin mensen met de beschikbare schaarse middelen in hun behoeften kunnen voorzien. Omdat er grote verschillen zijn tussen de inkomens van consumenten bestaan er grote verschillen in welvaart. Welvaart zegt echter niets over de mate van geluk of tevredenheid. Welvaart wordt daarom ook weleens 'welvaart in enge zin' genoemd; hier wordt alleen naar materiële zaken gekeken.

Welzijn is de mate van tevredenheid over de behoeftebevrediging, die al dan niet uit het beschikbaar stellen van middelen wordt verkregen. Welvaart en welzijn hoeven niet altijd samen te vallen. Als u een groot huis, een vakantiehuis en een dure auto hebt, dan bezit u een hoge mate van welvaart. Als u echter nooit tijd hebt om ervan te genieten, dan is uw welzijn laag. Welzijn wordt ook weleens 'welvaart in ruime zin' genoemd.

Het doel van de economische wetenschap is het gedrag van de mens in zijn streven naar welvaart te bestuderen en daardoor dit gedrag beter te leren begrijpen.

Economie is de discipline die zich bezighoudt met de bestudering van het menselijk gedrag voor zover dit samenhangt met het streven naar bevrediging van behoeften met schaarse, alternatief aanwendbare middelen. Met schaarse middelen wordt de hoeveelheid geld bedoeld, die in principe altijd beperkt is. Met 'alternatief aanwendbaar' wordt bedoeld dat het geld aan verschillende dingen kan worden uitgegeven: we moeten dus kiezen.

Zowel individuen en gezinnen als bedrijven worden gedwongen keuzes te maken. De individuen en gezinnen worden tot de consumentenhuishouding gerekend. De consumentenhuishouding streeft naar maximale behoeftebevrediging. Dit wordt ook wel nutsmaximalisatie genoemd. Bedrijven vormen de bedrijfshuishouding. Zij streven veelal naar een maximaal resultaat, oftewel maximale winst tegen minimale kosten.

Micro- en macro-economie

Er wordt onderscheid gemaakt tussen de micro-economie en de macro-economie. De micro- economie kijkt vooral naar het gedrag van de individuele consumenten en producenten. De macro-economie kijkt naar het gedrag van een land in zijn geheel. De onderwerpen van beide deelgebieden zijn veelal identiek; de manier waarop ernaar wordt gekeken, is verschillend. Om het verschil nog wat te verduidelijken staat hieronder een beknopt schema met enkele belangrijke vragen waar de twee deelgebieden zich mee bezighouden.

 micro-economiemacro-economie

consumptie

Hoeveel consumeert en spaar een individu?

Hoe zijn de consumptieve bestedingen gerelateerd aan het nationaal inkomen in Nederland. 

inkomen

Waaraan besteedt een individu zijn inkomen?

Welke factoren bepalen het nationaal inkomen in Nederland?

werkgelegenheid

Hoeveel werknemers moet een bedrijf in dienst nemen om zijn winst te maximaliseren?

Hoe hangt de totale werkgelegenheid samen met het nationaal inkomen in Nederland?

Modellen

De economie probeert de werkelijkheid te analyseren en te voorspellen aan de hand van modellen. Een model is een versimpelde (wiskundige) weergave van de werkelijkheid. In de economie bestaan modellen uit variabelen. Een variabele is bijvoorbeeld het inkomen of het rentepercentage. In modellen komt ook vaak de aanname ceteris paribus (c.p.) voor. Dit betekent letterlijk 'de overige omstandigheden gelijkblijvend'. Deze aanname wordt gebruikt om de invloed van slechts een variabele op een andere variabele uit te leggen. Zo kan men bijvoorbeeld onderzoeken hoeveel geld een individu aan voeding uitgeeft, gegeven een bepaald inkomen. Andere omstandigheden, zoals de prijs van voeding, blijven bij dat onderzoek buiten beschouwing.

Markten

De markt is een plaats waar kopers en verkopers bij elkaar komen om te kopen en te verkopen. In de economie wordt het begrip markt ruim opgevat. De markt is de (denkbeeldige) plaats waar vragers (kopers) en aanbieders (verkopers) bij elkaar komen. Zo is er voor elk product een markt: de goudmarkt, oliemarkt, valutamarkt, geldmarkt enzovoort. Een markt waar kopers en verkopers daadwerkelijk aanwezig zijn, heet een concrete markt.

De markt is dus de plaats van samenkomst van vragers en aanbieders. Die bepalen samen de prijs. De prijs die tot stand komt waarbij de vraag gelijk is aan het aanbod, noemen we de evenwichtsprijs. Vragers krijgen extra nut van het kopen van een product. De hoeveelheid nut die ze krijgen, bepaalt hoeveel geld ze willen uitgeven. Aanbieders maken kosten voor het maken van een product. Die kosten willen ze in ieder geval terugverdienen en het liefst willen ze ook nog zo veel mogelijk winst maken.

Geld

3065502515 d8b4cfb5a5 o bewerktGeld is een zeer belangrijk en ingewikkeld begrip in de economie. Wat verstaan we onder geld? Volgens Van Dale is geld een algemeen gebruikt ruilmiddel, waarvan de waarde min of meer vastligt, en volgens Wiktionary is het een ruilmiddel dat gegarandeerd wordt door een land, waarmee goederen en diensten kunnen worden gekocht. Maar geld is meer. Dat wordt duidelijk aan de hand van de geschiedenis van het geld. Hierover kunt u meer lezen in hoofdstuk 1.

De overheid

De overheid en de socialezekerheidsfondsen vormen samen de publieke sector, ook wel collectieve sector genoemd. De overheid bemoeit zich met de economische ontwikkelingen in haar land. De activiteiten die de overheid op dit vlak uitoefent, zijn onder te verdelen in drie categorieën:

  1. allocatiefunctie;
  2. herverdelingsfunctie;
  3. stabilisatiefunctie. 

De allocatiefunctie houdt in dat de overheid invloed heeft op wat wordt geproduceerd. Dit doet zij aan de ene kant door collectieve goederen te produceren (wegen, onderwijs enzovoort). Aan de andere kant stimuleert zij wenselijk geachte goederen en diensten door middel van subsidies en ontmoedigt zij onwenselijk geachte goederen en diensten door accijns te heffen of verboden op te leggen. Dit wordt verder besproken in paragraaf 2.18.

De herverdelingsfunctie gaat over de herverdeling van inkomens door middel van het heffen van belastingen. Meer hierover vindt u in paragraaf 2.5.

De stabilisatiefunctie gaat over het beïnvloeden van de conjunctuur van een land. In paragraaf 4.16 wordt dit onderwerp uitgebreid besproken.

We zagen al eerder dat de prijzen van de goederen op de markt tot stand komen door vraag en aanbod. Dit noemen we de marktwerking. De mate waarin de vrijemarktwerking in een bepaald land wordt toegestaan, wordt bepaald door de overheid. Dit verschilt per land.Er zijn landen waar de overheid zich zo min mogelijk met de vrijemarktwerking bemoeit. Er zijn ook landen waar de overheidsbemoeienis erg groot is en er van vrijemarktwerking nauwelijks sprake is. In Nederland bemoeit de overheid zich beperkt met de vrijemarktwerking. Zij grijpt alleen in wanneer en waar zij dit noodzakelijk acht. De verschillende vormen van het marktmechanisme worden uitgebreid besproken in hoofdstuk 2.

Het buitenland

Ook het buitenland is van invloed op de economie van een land. De aanwezigheid van import en export draagt bij aan de economische groei van een land. Wanneer een land intensieve handelsrelaties onderhoudt met het buitenland, spreken we van een open economie. Daartegenover staat een gesloten economie: dat is een land dat niet of nauwelijks handelsrelaties met het buitenland heeft. Nederland is een typisch voorbeeld van een open economie: er is veel handelsverkeer met het buitenland. In hoofdstuk 4 wordt dit onderwerp verder behandeld.

Het onderwerp economie is niet iets dat alleen in studieboeken wordt besproken. Dagelijks worden we geconfronteerd met berichtgeving over onze economie op het journaal en in de kranten. Enige kennis van de basisbegrippen van de economie is dus voor iedereen interessant.


Vragen

Test je kennis met de onderstaande vragen. De antwoorden vind je achter in de proefles.

  1. Wat is vastgoedeconomie?
  2. Noem 3 vraagstukken waar ondernemingen mee te maken krijgen in de vastgoedbranche.
  3. Wat is het onderscheid tussen de micro-economie en de macro-economie?

Antwoorden

  1. Vastgoedeconomie is de discipline die zich bezighoudt met de economische en juridische werking van het vastgoed.
  2. Ondernemingen in de vastgoedbranche hebben alle te maken met de economie. Zij worden namelijk voortdurend geconfronteerd met economische vraagstukken als:
    • Waar zal ik mijn bedrijf huisvesten?
    • Neem ik personeel in dienst, en zo ja, hoeveel?
    • In wat voor markt ga ik opereren?
    • Wie zijn mijn concurrenten?
    • Wat zijn de regels van de (lokale) overheid?
  3. De micro- economie kijkt vooral naar het gedrag van de individuele consumenten en producenten. De macro-economie kijkt naar het gedrag van een land in zijn geheel. De onderwerpen van beide deelgebieden zijn veelal identiek; de manier waarop ernaar wordt gekeken, is verschillend.

FlexibelStuderen® doe je bij NTI

Boekenwurmen, nachtbrakers, ochtendmensen, carrièretijgers; iedereen is anders en iedereen studeert anders. Met FlexibelStuderen® van NTI studeer jij op een manier die echt bij jou past. Start met jouw opleiding wanneer je wilt. Bepaal zelf waar en wanneer je studeert in een online leeromgeving en met echte studieboeken. Zo kun jij een opleiding goed combineren met een drukke baan, hobby’s en gezinsleven. FlexibelStuderen® doe je bij NTI.

Ben je na het volgen van de proefles enthousiast geworden?

Je kunt elke dag starten met de beroepsopleiding Makelaar-taxateur o.z. dus zet vandaag nog de eerste stap!

Daarom FlexibelStuderen®:

  1. Erkende opleidingen, bekende naam
  2. Studeren met veel persoonlijk contact
  3. Voordelig studeren, transparant over kosten
  4. Studeren op jouw moment en jouw manier
  5. Overal studeren met onze online leeromgeving
  6. Persoonlijke begeleiding door mentoren en ervaren docenten
  7. Werkgevers zijn snel overtuigd

Neem gerust contact met ons op, als je nog vragen hebt. Succes bij het kiezen van je opleiding!

1 / 1